Soms kijk je met grote verbazing terug naar iets wat je alweer zo lang geleden maakte..
Ik weet het proces nog als was het gisteren…het was knokken met regelmatig gevoelens van vertwijfeling en hopeloosheid.
Ik was nog maar zo kort weer aan het schilderen, na 20 jaar niets gedaan te hebben op dat gebied, viel het kwartje in 2003, ik kon er niet meer omheen.
En omdat ik ben wie ik ben was het duiken, kop onder en volledig omarmen.
Weer tekenen, schilderen, lessen nemen en de ontdekking van de hemel met het aanraken van pastelkrijt.
Leermeesters die mij met open mond van verbazing aankeken en me van dat krijt probeerden af te praten, want ik had zo’n prachtige stevige olieverf toets.
Ja.
Dat was zo.
Ik hield zo van olieverf, de geur, het pasteuze, het gevecht, álles. Dat was mijn basis.
Maar dat krijt, dat was een grote stap nóg dichter naar de hemel.
En als je dat niet net zo voelt is dat ook niet uit te leggen.

Dus een grote stap verder op weg naar mijn zelfstandigheid, op alle gebied, want ik voer tegen vele stromen in.
Mijn leermeesters die mij allen, ook en juist in en door dat gevecht, zoveel leerden.

Dit portret, de Danseres, alles is er in onderdelen vanáf geweest.

Een goede start

Het was groot, een meter hoog, dus niet in 1 keer te overzien, en dan verlies je de verhoudingen, ik wel tenminste.
Ze wás het wel, maar ook heel erg NIET, mijn model, een oudere versie van zichzelf, en dan zit je in de verhoudingen gewoon niet goed. Ze had een lichaamshouding waarvan ik van te voren wist dat ik grote moeilijkheden tegen zou komen, een duim die uitstak naar achteren..als ik die niet goed zou pakken werd het een gek ding.
Dat bleek.
En omdat ik niet snel van opgeven weet, vocht ik me een weg naar wél een goed eindresultaat.
Hij staat er niet op, die duim…dat gevecht verloor ik dus.

Danseres, zonder duim

Er was nog een ander gevecht, dat met haar hoofd. Ze leek dus wel maar ze WAS het niet…dus ik deed iets wat je nooit moet doen, want het komt vrijwel niet meer goed, ik ramde het hoofd eraf, terwijl het lijf inmiddels goed was.

Het hoofd eraf.. (de duim zit er nog op)

Het hele erge fijne van pastelkrijt, mits je een goede drager(ondergrond) hebt, is dat je altijd opnieuw kunt beginnen, opbouwen.
“Pastel is SO forgiving…”zei een veel oudere, bevriende Amerikaanse kunstenares mij ooit.
It is.

Ik knokte met een beperkt kleurgebruik, want het was een studieperiode, van “hogerhand” opgelegd.
Van nature gooi ik het liefst alles erin dus, hoppá, zoveel mogelijk kleur. Daarom ook is mijn krijthoeveelheid volledig uit de hand gelopen. Elk merk heeft zijn charme in kleurvariëteit. Ik ben blut maar o zo rijk, kan kiezen uit 100 tinten blauw, blauwgroen, groen blauw, turquoise, en dat dan allemaal tégen elkaar..en dan krijg je diepte.
Goed, het gevecht dus, waarvan ik inmiddels, jaren later weet, dat dát is waar uiteindelijk het genot zit.
Het is de reis, die je maakt, tijdens het zoeken en vinden, naar het wezenlijke.
Want met de gelijkenis kwam het hier niet helemaal goed, maar het werd wel een sterk portret.

BELONING

De grootste beloning kwam een paar jaar later, toen een jong gezin, op vakantie op de plek waar ik exposeerde, mét elkaar, besloot, dat DIT het schilderij was wat ze wilden kopen. De jonge kinderen hadden een net zo grote stem als de beide ouders.
Ik had het portret afgeprijsd, want ik wilde ruimte maken.Toen ik later een foto kreeg van waar het hing, werd ik nóg blijer: in de speelhoek, naast de spelletjeskast, boven de hondenmand en de caviakooi…Het was volledig omarmd, het was helemaal goed.

PROCES

Ik leer zoveel tijdens mijn werk, steeds meer besef ik dat het niet om het namaken van het plaatje gaat. Ik ben een realistisch portretschilder.
“Dat wat erin zit komt er vanzelf uit”, zei mijn eerste leermeester. “Je stijl hoef je niet te zoeken.” Dat klopt. Maar dat realisme echter trekt ook altijd aan mij. Net als dat andere, het van nature vrije bewegen met mijn armen, het intuitiëve kleuren pakken, het zonder tekening beginnen.
Ik ben op een punt aangeland waar ik los van álle instructies, in elk portret op mijn manier mijn weg zoek.
De vrijheid vinden is zo makkelijk nog niet. Want het moet inmiddels niet meer alleen lijken, het moet iemand ZIJN. En wáár zit dat….ik heb dat antwoord niet, en ik denk dat ik dat ook niet krijg. Ik weet inmiddels wel, dat ik donders goed weet wanneer ik er nog niet ben. En dus ook wanneer ik er wél ben.
Ik durf steeds meer, ik leer enorm veel van dat vallen en opstaan. Ik geef nooit op. En daar waar ik wel opgaf, verschijnt na jaren opeens een inzicht.

EIGEN REGELS
Mijn laatste kinderportret in opdracht besloot ik volgens mijn eigen regels te maken. Loslaten van de veilige begintekening, gewoon beginnen in kleurtoetsen, wat ik in mijn eigen vrije werk ook doe, als de druk van een opdracht er niet achter zit. Gevoelsmatig beginnen. De gelijkenis is er vaak al snel in een blik, een strook, het is er direct. Omdat ik als basis geleerd heb om model te tekenen met krijt, grote bewegingen, steeds weer opnieuw beginnen, de eerste opzetten, kom ik daar snel. Maar dan……want een vrij portret, weglaten, dat is zo makkelijk nog niet.
Ja, als het klaar is, dat zie ik zelf ook dat het logisch is, dat het niet anders kon dan zo. Maar daarvóór, dan ben ik regelmatig hopeloos, radeloos, vertwijfeld.. dan kijk en kijk ik maar omdat ik het niet zie. Wáár zit het, dat het er nog niet is?
Mijn laatste kinderportret nam 7 weken in beslag. 30 x 20 cm, A4. Dat heb ik in eerdere opdrachten soms in 5 dagen gedaan, hooguit een week. Ik fotografeer inmiddels alle fasen van mijn werk en dan kun je goed terugkijken. Soms zie ik dan dat ik er in een eerder stadium dichterbij zat dan later. Mijn drift en ongeduld lieten mij dan weer verder afdrijven van het zo gewenste resultaat.

Zo was er een jongetje dat één en al trui werd…die trui, waar ik in principe niet van hou, van kleren maken in een portret, werd subliem. Het kind echter, verdween….Uiteindelijk heb ik dit portret losgelaten, ik kwam er niet uit, het was geen opdracht dus dat kon. Ik maakte een ander portret van hem. Het “vastgelopen” portret is er nog…

Max, alleen maar trui….met een gek hoofd, niet afgemaakt portret..

Max, het nieuwe portret “Ontmoeting”

Ik denk aan iets wat ik tijdens mijn laatste opdracht ontdekte: door het hoofd er helemaal af te halen ontstond op de ondergrond een “ghost” van al mijn werk…en ik zag het kind, volledig! Zonder krijt, maar wel de afdruk, fascinerend…
De ontdekkingsweg naar meer en vrij en veel en…ghosts? is nog lang, levenslang!
Ik ben daar waar ik zijn wil: in het centrum van mijn hart en passie.
Dat is geluk, kijken en ontdekken met de verwondering van het kind dat ik ooit was.
Mijn universum is eindeloos!